Vlaanderen kreunt onder de hitte, toch groeit er een stille waterrevolutie

Van kurkdroog naar sponslandschap: Vlaanderen antwoordt massaal op de oproep voor lokale blue deals.



Delen

Terwijl Vlaanderen opnieuw kreunt onder droogte en hitte, gebeurt op het terrein iets opmerkelijks. In heel wat stroomgebieden werken lokale coalities aan lokale blue deals die water meer moeten vasthouden op de plaats waar het valt. Gemeenten, provincies, landbouwers, natuurverenigingen, waterbeheerders en tal van andere partners bereiden samen tientallen initiatieven voor die onze landschappen beter moeten wapenen tegen droogte én wateroverlast.

Vanuit middenveld en provincies wordt naar schatting gewerkt aan een vijftigtal dossiers. Dat is heel wat en reflecteert veel meer dan slechts een droge verzameling subsidieaanvragen. Het visualiseert een duidelijk signaal.

© Swale Mabrouck in aanleg RLHV
© Natuurlijk graslandbeheer_Teuvenbeek _RLHV

Het terrein is het debat voorbij

De tegenstelling tussen landbouw en natuur haalt vaak de krantenkoppen. Op het terrein speelt zich daarnaast een ander verhaal af. Daar blijken die partijen elkaar regelmatig te vinden rond een gedeelde vaststelling: als Vlaanderen weerbaar wil blijven tegen de gevolgen van klimaatverandering, moet water opnieuw een prominente plaats krijgen in het landschap.

De samenwerking ontstaat niet omdat de verschillen en (schijnbaar?) tegengestelde belangen verdwenen zijn. Ze ontstaat omdat de gedeelde uitdaging groter blijkt dan de tegenstelling. Water houdt zich immers niet aan perceelsranden, gemeentegrenzen of sectoren. Wie water wil vasthouden, moet samenwerken. Dat is vandaag precies wat in vele Vlaamse regio's gebeurt.

Een stille maar krachtige beweging

De huidige golf aan projectvoorstellen komt niet onverwachts uit het niets. Ze is het resultaat van jaren investeren in gebiedsgerichte samenwerking, wederzijds vertrouwen en lokale coalitievorming. De voorbije Blue Deal met programma’s als waterlandschap, lokale gebiedsdeals droogte en blue dealcoördinatoren bewees dat die aanpak werkt. Op relatief korte tijd werden honderden (lokale) acties in gang gezet en groeide een netwerk van gemeenten, provincies, regionale landschappen, landbouwers, natuurorganisaties en Vlaamse administraties dat vandaag veel verder reikt dan één projectoproep.

Wie naar de dossiers kijkt, ziet dan ook veel meer dan technische ingrepen. Men ziet mensen die ervoor kiezen om samen verantwoordelijkheid op te nemen voor hetzelfde landschap en de bijbehorende diensten ervan. Want het besef is er dat we overal moeten werken aan een klimaat robuust landschap en dat vele kleine –onderling verbonden- acties een grote impact kunnen hebben. 

© Houtkant als ecologische verbinding Koen Demuynck

Sponslandschappen in plaats van symptoombestrijding

Opvallend is dat veel projecten vertrekken vanuit dezelfde logica. Decennialang probeerden we (regen)water zo snel mogelijk af te voeren. Vandaag groeit het inzicht dat Vlaanderen vooral water moet leren vasthouden. Dat gebeurt via sponslandschappen: gebieden waar water kan infiltreren, tijdelijk gebufferd wordt en opnieuw beschikbaar komt tijdens droge periodes.

Concreet gaat het over het herstel van valleigraslanden, infiltratie op hoger gelegen gronden, bodemdoorlaatbaarheid verbeteren, beekherstel, slimme buffering samen met landbouwers, kleine landschapselementen (bv. houtkanten, bomenrijen of poelen) die water vertragen en groenblauwe verbindingen die opnieuw als één systeem functioneren. Zulke maatregelen versterken niet alleen de waterbeschikbaarheid, maar ook biodiversiteit, landbouw en de leefkwaliteit van onze dorpen en steden.

 

Ook al hebben we de goede voorbeelden en weten we de richting, de klimaatverandering haalt ons stilaan in. We hebben ons landschap verbouwd tot een kwetsbaar systeem en er zijn vaak nog hardnekkige gewoontes en sectorale regelgeving die we moeilijk van vandaag op morgen veranderd krijgen. Ze vragen om tijd, die we niet hebben. Een verdienste van de oproep van Lokale Blue Deals is dat er ruimte wordt gemaakt om wél snelheid te maken, vanuit een gedeelde zoektocht tussen beleid en lokale actoren.

 

Misschien is de grootste verdienste van de huidige projectoproep niet de inzet van de projecten zelf. Wel dat ze zichtbaar maakt hoeveel lokaal engagement vandaag aanwezig is: natuur- en landbouworganisaties dienen samen acties in, provincies en gemeenten investeren gemeenschappelijk in beekvalleien en tientallen lokale coalities gaan tegelijk dezelfde richting uit.

Het toont dat Vlaanderen lokaal klaar is om voorbij de polarisatie te werken - het zogenaamde momentum is daar.

© Swale voedselbos RLHV
© Erosiebuffer Voeren_RLHV
© RLSD/Moerbeke-Polder

Klaar om het Vlaamse Waterplan uit te voeren

Het recente maatschappelijke debat over droogte- en wateroverlastbeleid toont dat de analyse breed gedeeld wordt. Het staat als een paal boven water dat Vlaanderen zich beter moet wapenen tegen langere droogteperiodes, hevigere regenval en toenemende hitte.

We stellen tegelijk vast dat er op dit moment ontzettend veel partners klaar staan om een langdurig engagement aan te gaan om te komen tot weerbare valleien.

Want lokale netwerken ontstaan niet vanzelf en uit het niets. Ze vragen jaren van aanwezigheid, vertrouwen en overleg. Wie vandaag naar het terrein luistert, hoort minder verdeeldheid dan vaak wordt aangenomen. Men hoort vooral de vraag om samen verder te mogen bouwen aan landschappen die opnieuw kunnen sponzen.

 

Misschien is dat wel de meest hoopgevende vaststelling van deze hete zomer.